|
|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Beschrijving & leefwereld
Latijnse benaming : Eublepharis macularius Familie: Gekkonidae Soort: Lidgekko's (hebben oogleden, ze kunnen hun ogen openen & sluiten) Leefgebied : Afghanistan, Pakistan, westen van India, Irak en Iran. Droge berggebieden, steppen en woestijnen (zie kaart). Gemiddelde leeftijd : tot 20 jaar (in gevangenschap). Lengte en gewicht: ze worden tot 25 cm groot en hun gewicht varieert tussen 60 -100gr of meer. Voor meer informatie over de verschillende Eublepharis soorten en voorbeelden van kleur en patroon morphs: neem een kijkje bij soorten. Voeding In hun natuurlijke omgeving eten luipaardgekko's veel verschillende insecten, soms zelfs kleine hagedissen. In gevangenschap beperkt het dieet zich tot kleine voederinsecten zoals o.a. krekels, sprinkhanen, kakkerlakken. Verder meelwormen, wasmotlarven en rozekeverlarven... Voederinsecten bepoederen met vitaminen (D3) zoals bv Reptivite. Hoofdvoedsel is krekels, toch is gevarieerd voederen de boodschap. Het wordt aangeraden de voederdieren te gutloaden (opvoederen), ze zelf opkweken is ook een mogelijkheid. Niet opgegeten voederdieren telkens verwijderen, ze kunnen namelijk aan je eigen dieren gaan knabbelen en stress veroorzaken. Maandelijks een nestmuisje is een ideale aanvulling en een bron van calcium. Een klein schoteltje met wat calciumpoeder ook steeds ter beschikking stellen. Tijdens het kweekseizoen verbruiken de vrouwtjes veel energie en hebben ze calcium nodig voor de aanmaak van eitjes. Drinkwater dient men elke dag te verversen, dit vooral om bacterievorming te vermijden. ![]() Huisvesting Mijn 5 luipaardgekko's zitten in een woestijnterrarium van 160cm x 50 cm x 50 cm. Voor een koppeltje wordt vaak 60cm x 40cm x 40cm vermeld, vind dit persoonlijk wat aan de kleine kant maar dat beslist ieder voor zich. Bodemsubstraat in mijn terrarium is bruin-grijs woestijnzand, calci-zand of gewoon speelzand kan ook gebruikt worden. Houtsnippers zijn absoluut te vermijden. Beplanting is niet echt nodig maar kan wel, zelf gebruik ik soms nepcactussen. Vermits luipaardgekko´s graag schuilen in spleten en holen, is het aangeraden per dier minimum 1 schuilplaats te voorzien. Minstens 1 schuilplaats moet daarentegen ook groot genoeg zijn voor alle dieren bijeen. Schuilplaatsen kan men creëren met flagstones of rotsen, wel opletten dat deze stevig komen te staan want luipaardgekko's durven weleens te graven. Uiteraard vindt men in de handel of op beurzen ook allerhande decoratieve schuilgrotjes. Verder ook steeds een bakje met vers drinkwater en een schoteltje met calciumpoeder ter beschikking stellen. Vermits luipaardgekko´s vervellen is het belangrijk een vochtig plekje te voorzien, zoals bv vochtig spagnummos in een plastieken bakje. UV licht hebben deze diertjes niet nodig vermits ze tijdens de dag slapen, gewone gloeilampen volstaan reeds. Luchtvochtigheid is van geen belang, sproeien is dus niet noodzakelijk. Om deze diertjes ´s nachts te observeren dient men een infraroodlamp of maanlichtlamp te installeren. Omdat mijn groep luipaardgekko's is uitgebreid tot 5, heb ik besloten zelf een nieuw en groter terrarium te bouwen. Deze is opgebouwd uit MDF, de verlichting bestaat uit 2 halogeen inbouwspots met dimmer. Voor nachtverlichting gebruik ik een Exo Terra infraroodlamp. Temperatuur onder de halogeenspots bedraagd een 34°, in de schaduwzijde aan de koele kant is het een 25°. Hierdoor kunnen de gekko's hun lichaamstemperatuur ten alle tijde reguleren. De achterwand in mijn terra is vervaardigd uit piepschuim en PUR, met daarover 4 lagen tegellijm en in de laatste laag is kleurpigment verwerkt. Verder is de wand nog gedrybrushed met verschillende kleurpigmenten om extra schaduw en diepte te creëren. Ten slotte is hierover een laag Bison houtlijm gesmeerd, verdund met water. In de houtlijm heb ik nog een klein beetje zand gestrooid. Een volledig overzicht met foto's betreffende bouw en inrichting van mijn terrarium is te vinden bij technieken. ![]() Gedrag De luipaardgekko is een zachtaardig en nieuwsgierig beginnersdier, bijt niet snel en wordt soms handtam. Daarentegen is het een kwetsbaar en teer diertje, stressgevoelig en daarom niet tè veel hanteren. Luipaardgekko´s zijn nachtactieve dieren die overdag voornamelijk in hun schuilplaatsen slapen, dit dient men zeker in acht te houden. Alhoewel ze redelijk kunnen klimmen, vertoeven ze meestal op de bodem. Het zijn groepsdieren, wel zijn de mannetjes territoriaal en daarom slechts 1 mannetje houden bij 1 of meerdere vrouwtjes. 2 mannetjes bijeen kan leiden tot vechtgedrag en daarom absoluut te vermijden. Persoonlijk verkies ik 1 mannetje bij minstens 2 vrouwtjes, indien de ruimte het toelaat zelfs 3 of meer. Luipaardgekko's durven weleens een kuiltje te graven, vooral de vrouwtjes gaan proefkuilen graven wanneer ze eitjes gaan leggen. Belangrijk is van deze kuilen niet te dichten om stress te vermijden. Uiteindelijk zal het vrouwtje de eitjes leggen in het aangeboden legbakje met spagnummos. Als de schemering valt gaan ze jagen. Bij het jagen kwispelen ze met hun staart, het trillen neemt in heftigheid toe naarmate ze hun prooi naderen. Luipaardgekko´s vervellen met regelmaat, dit kondigt zich aan doordat hun huid heel dof wordt, tijdens deze periode vertoeven mijn dieren veelvuldig in hun grot met vochtig spagnummos. De vervelling zelf is een boeiend proces om volgen, de gekko trekt letterlijk zijn “jasje” uit. Uiteraard is het aangewezen het dier niet te storen tijdens de vervelling, en opletten dat het diertje volledig vervelt. Gezonde dieren eten hun vervelling op, van nature doen ze dit om geen sporen na te laten voor hun natuurlijke vijanden, daarbij bevat de vervelling extra calcium hetgeen de dieren ten goede komt. Geslachtsonderscheid Volwassen luipaardgekko's zijn vrij gemakkelijk te onderscheiden, bij jongere dieren is dit moeilijker. Enkele typische kenmerken zijn: Mannen: Kop is breder. Verdikte staartwortel met duidelijk zichtbare ballen eronder. Ook vergrote anale poriën die in een V-vorm zitten op de onderbuik. Vrouwen : Smallere kop. Minder dikke staartwortel en geen anale poriën op onderbuik of hoogstens kleiner aanwezig. Winterrust Luipaardgekko's houden in de vrije natuur een winterrust, daarom wordt het ook aangewezen een rustperiode in te lassen voor dieren in gevangenschap. Een rustperiode van 8 weken is ideaal, bijvoorbeeld van begin december tot begin februari. Tijdens deze periode trekken de dieren zich terug in hun schuilplaats en slapen ze hoofdzakelijk, voor de vrouwtjes is deze periode gunstig om te recupereren van de aanmaak van eieren tijdens het jaar. Vermits luipaardgekko's tijdens deze periode niet eten zullen ze teren op de vetreserves in hun staart, een bakje met vers drinkwater dient men echter wel steeds te voorzien vermits ze af en toe nog gaan drinken. Een winterrust kan men creëren door de lichturen stelselmatig af te bouwen en de temperatuur in de terra te doen dalen, dit met regelmaat, bijvoorbeeld een half uur per week. Het voederen van de dieren moet tijdens deze periode ook langzaam worden afgebouwd. Van zodra de lichturen zijn herleid tot 8u kan men het licht volledig uitdoen. Belangrijk is wel dat de dieren kompleet vrij zijn van ontlasting voor hun winterrust. Om dit te stimuleren kan men de dieren bijvoorbeeld een badje geven met lauw water en zullen ze achteraf de laatste resten van ontlasting uitscheiden. Een ziek of vermagerd dier mag absoluut niet in winterrust en dient apart te worden gehouden. Een mestonderzoek evenals een gewichtopname zijn nuttig. Om de dieren uit hun winterrust te halen kan men gewoon het licht terug aandoen, de temperatuur verhogen en vervolgens terug de lichturen opbouwen met regelmaat. Ziekte en verwonding De luipaardgekko is van nature een sterk dier, toch kan men enkele maatregelen nemen om eventuele ziekten te voorkomen: Luipaardgekko´s kunnen hun staart afwerpen bij gevaar, dit heet autotomie. In de staart zitten namelijk de vetreserves en water voor in tijden van voedselschaarste. Een dier dat zijn staart heeft afgeworpen is extra kwetsbaar en dient men in quarantaine te plaatsen. Gebruik als substraat keukenrolpapier zodat de wonde proper blijft, geef extra calcium en vitaminesuplementen en steeds proper water. De staart zal terug aangroeien maar nooit meer zo mooi worden als de originele staart. Een ongezonde luipaardgekko kan aggresief gedrag vertonen tov medebewoners, daarom steeds zorgen dat er de mogelijkheid is om een ziek dier in quarantaine te plaatsen. Indien er iets aan de hand is kan men een mestonderzoek laten doen bij de dierenarts, daaruit kan reeds veel geconcludeerd worden. In het slechtste geval zal het diertje gehospitaliseerd moeten worden maar dan zitten we al in een verder stadium. Mijn eigen dieren heb ik reeds moeten behandelen na een vaststelling van wormen in de ontlasting. Evenals flagellaten worden deze snel opgemerkt door de dierenarts en zal hij een behandeling met Panacur voorschrijven. Deze behandeling dient te worden uitgevoerd op alle dieren die in hetzelfde verblijf zitten als het besmet dier, en dit volgens de regelmaat die de dierenarts bepaald. Panacur dient secuur te worden toegediend, naargelang het gewicht van elk individueel dier, zodat overdossering vermeden wordt. Bij het toedienen moet men geduldig zijn en voorzichtig te werk gaan met de dieren. Tijdens de behandeling wordt het ook aangewezen het bodemsubstraat te verversen in de terrarium. Panacur dient men te bewaren in de koelkast. In mijn gekko's hun 'medicijnkastje' ligt verder ook steeds een busje Iso-Betadine (voor het ontsmetten van wonden), Terramycine (oogzalf) en keukenrol. Mijn luipaardgekko's worden behandeld door reptielenarts Dokter Luc Lambrechts. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||